Professionele wielercarrière van Tom Dumoulin

De carrière van Tom Dumoulin, Dumoulin reed voor vooraanstaande ploegen, te beginnen bij Argos-Shimano (later Giant-Shimano en Giant-Alpecin) van 2012 tot 2016, vervolgens bij Team Sunweb van 2017 tot 2019 – waar hij de meeste van zijn successen in de grote rondes behaalde – en ten slotte bij Team Jumbo-Visma van 2020 tot aan zijn afscheid in augustus 2022 op 31-jarige leeftijd. Zijn palmares in de grote rondes omvat drie podiumplaatsen: de overwinning in de Giro d'Italia van 2017, de tweede plaats in de Giro d'Italia van 2018 en de tweede plaats in de Tour de France van 2018, naast negen etappeoverwinningen in de drie grote rondes (drie in de Tour de France, vier in de Giro d'Italia en twee in de Vuelta a España). Hij behaalde ook vijf overwinningen in eendaagse wedstrijden en 17 overwinningen in individuele tijdritten, waarmee hij zich vestigde als een van de beste allrounders van zijn tijd met een zeldzame combinatie van klimvermogen en tijdritkracht.

De beginjaren van zijn carrière en zijn vormingsjaren

Dumoulin tekende in 2008 als beginnend prof bij het Rabobank Continental Team, waarmee zijn professionele carrière in Europese ontwikkelingswedstrijden van start ging. In de jaren daarna reed hij voornamelijk op continentaal en U23-niveau, waar hij zijn vaardigheden in etappekoersen en tijdritten aanscherpte en zich aanpaste aan de eisen van de internationale competitie.

In 2010, toen hij uitkwam voor het Parkhotel Rooding Cycling Team, boekte Dumoulin al vroeg successen die zijn potentieel onderstreepten, waaronder een vijfde plaats op het Nederlands kampioenschap tijdrijden voor beloften. Deze resultaten bevestigden zijn specialisatie in tijdrijden, waar zijn krachtige en efficiënte rijstijl al snel opviel tussen de beloften.

Het daaropvolgende jaar, 2011, betekende een doorbraak op continentaal niveau bij het Rabobank Continental Team, toen Dumoulin in etappekoersen keer op keer in de top eindigde. Hij won het algemeen klassement in Le Triptyque des Monts et Châteaux, een UCI 2.2-wedstrijd, waarmee hij aantoonde dat hij meerdere dagen lang kon presteren. Daarnaast werd hij tweede in de tijdritetappe van de Ronde van Midden-Nederland en derde in het algemeen klassement van de Olympia’s Tour, met verschillende top-20-etappeplaatsen die zijn zelfvertrouwen in het profpeloton versterkten.

Ondanks deze bescheiden maar veelbelovende resultaten moest Dumoulin een steile leercurve doorlopen om zich aan te passen aan de intensiteit en de tactiek van het professionele wielrennen, waarbij hij onder meer moest omgaan met lichte blessures en de fysieke belasting van langere internationale wedstrijden. Zijn talent in het tijdrijden kwam daarbij centraal te staan en legde de basis voor zijn overstap naar WorldTour-teams.

Doorbraak en hoogtepunt bij Team Sunweb

Tom Dumoulin znaki.fm/nl/persons/tom-dumoulin/ sloot zich in 2012 als beginnend prof aan bij het Nederlandse UCI ProTeam Project 1t4i en maakte al snel de overstap naar de WorldTour-tegenhanger Argos-Shimano, waar de ploeg de nadruk legde op zijn opkomende talent voor tijdritten en zijn potentieel in etappekoersen. De ploeg, die later in 2014 werd omgedoopt tot Giant-Shimano, in 2015 tot Giant-Alpecin en in 2017 tot Team Sunweb, bouwde haar strategie op rond Dumoulins sterke punten in individuele tijdritten en zijn consistente klimwerk, en positioneerde hem als kanshebber voor het algemeen klassement (GC) in de Grote Rondes, ondersteund door een kern van Nederlandse en internationale knechten.

Zijn doorbraak kwam in 2014 met sterke prestaties in voorbereidingswedstrijden, waaronder een etappezege in de Ronde van Zwitserland en een zevende plaats in de individuele tijdrit van de Tour de France, waarmee hij liet zien dat hij klaar was voor meerdaagse etappekoersen. In 2015 behaalde Dumoulin zijn eerste etappezege in een grote ronde tijdens etappe 9 van de Vuelta a España, een bergetappe op de Alto de Puig Llorença, waar hij rivalen als Chris Froome achter zich liet en kortstondig de rode trui veroverde. Uiteindelijk eindigde hij als zevende in het algemeen klassement. Hij behaalde ook een top 10-plaats in Tirreno-Adriatico, waarmee hij zijn rol als kopman van het team versterkte.